Een ontmoeting met totemdieren

De organisatie van de workshops van de Way Of Nature Nederland met John P. Milton als leraar had me behoorlijk beziggehouden. Tijdens de laatste workshop kon ik nu zelf op solo en weer even in contact komen met mezelf en de natuur. Ik had zelf eerlijk gezegd een ander soort contact in gedachten..

De avond voor de solo had John ons iets bijgebracht over Totemdieren en de niveaus waarop je hiermee contact kunt hebben. Totemdieren zijn dieren die je (door verschijning) iets vertellen of die je een bepaalde kracht geven. Er zijn 4 ‘soorten’ ontmoetingen die je kunt hebben. Zo kun je een dier ontmoeten en een diepere betekenis voelen – het komt als een gift. Het tweede niveau gaat wat verder en dan sterft er een dier vlak voor je – je voelt dat de spirit wordt opgetild en samenvloeit met jouw spirit. Het derde niveau is een ontmoeting met het dier in licht. Jij lost op in licht, het dier ook en je vloeit samen. Het vierde niveau gaat nog verder en wil je niet weten. Tijdens mijn solo in Mexico had ik meerdere bijzondere ontmoetingen met dieren die ik onder niveau 1 zou willen scharen, mooie ‘cadeautjes’ van de natuur. Meer hierover kun je lezen in mijn verhaal ‘Waar energie samenkomt‘.

Ik had een prachtige plek gevonden voor de solo. Aan een vennetje met in de buurt 2 bomen om mijn luifel tussen te hangen. Ik had totaal geen verwachtingen, het was eerder de rust vinden en ont-moeten – Annemieke en ik waren de twee weken ervoor enorm druk geweest met de organisatie van alle workshops met John. Even tijd voor mezelf! Het was 4 uur in de middag. 18 uur solo voor de boeg. Heerlijk!SAM_0759

Na het creëren van de mandala (cirkel waarin je verblijft en waarin je veilig bent) ben ik heel rustig (Gaya Flow) naar het strandje aan het vennetje gelopen. Hoe laat het precies was weet ik niet, want alles waar een tijd op stond had ik achtergelaten bij het basiskamp. Ik denk dat het een uur of half 6 was toen ik op dat strandje aankwam en begon aan de verschillende qigong oefeningen. En toch hè, ook al weet ik dat ik dan helemaal alleen ben, dan denk ik steeds dat er iemand aan komt gewandeld. Eerst dat maar weer overwinnen en ontspannen. Een half uur later was ik wel zo ver. De verbinding was er weer en tijd deed er niet zoveel meer toe. Ik ging zitten met mijn gezicht naar het Noord-Westen en staarde voor me uit. Vlak voor me, op de grond, zat een prachtige goudkleurige libelle. En voor het eerst zag ik hoe bijzonder een libelle eigenlijk is. Het lijkt wel of hun hart klopt in hun staart! Geen idee of libellen ook een hart hebben, maar als ik het zo zag denk ik van wel. Het beest zat me met haar (ik denk dat het een haar was) grote ogen op een bijzondere manier aan te kijken. Tjonge, wat een mooi ogenblik. Ik moest direct denken aan het verhaal van John over de totemdieren. Prachtig!

Na een tijdje zat het beestje er nog. En even later nog steeds. En toen schrok ik. Er was iets niet goed met die Libelle! Mijn geluksgevoel over de ontmoeting met de Libelle sloeg om in onrust. Ojee. Het ontmoeten van een totemdier op het tweede niveau… Dat beestje zat toch niet dood te gaan zo vlak voor mijn neus hè? Ze bewoog nog wel en probeerde zich vast te klampen aan een grasspriet, omhoog te klimmen en vervolgens op te stijgen. Ze viel naar beneden. ‘Vlieg! Vlieg!’ schreeuwde ik haar in stilte toe. ‘Niet doodgaan! Viegen! Ik wil het niet!’ Langzaam bewoog ze over de grond. Klimmend, kruipend en af en toe fladderend maakte ze een cirkel voor me op de grond. Ik weet niet hoe lang het heeft geduurd, maar ik wilde niet weg. Ik bleef zitten, ik kon het niet maken om op dat moment weg te gaan. Na een uur of twee – de zon had inmiddels plaatsgemaakt voor bewolking – was de libelle weer voor mijn neus beland. Het moment van afscheid moest toch wel dichtbij zijn. Ik keek omhoog en voor me brak de bewolking een klein beetje open. Een felle straal zonlicht kwam ons tegemoet en scheen recht in mijn gezicht. De lucht leek lichter dan normaal en het werd even helemaal stil. In ieder geval in mijn hoofd. Twee tellen later was het wolkendek weer dicht en richtte ik mijn aandacht op de libelle. Ze bewoog niet meer. Ik heb daar nog een tijdje gezeten; met verdriet, blijdschap, verwarring en verwondering. Ik bleef op het strandje totdat het te koud werd.

zon2Er waren veel muggen en ik was zo verstandig geweest om een klamboe mee te nemen, die had ik al geïnstalleerd. Onder die klamboe was ik veilig – en daar was ook mijn slaapzak. De week was intensief geweest, net als de gebeurtenis met de libelle. 1+1= 2. Ik ben vroeg gaan slapen.

Ineens schrok ik me te pletter. Ik hoorde een werkelijk vreselijk geluid. Het was geen hond en ook geen mens. Het was een schreeuw of een soort blaf en het geluid bewoog zich heel snel door het bos. Binnen één minuut hoorde ik het 3-4 keer op verschillende plekken. Mijn hart bonkte in mijn keel. Komt het dichterbij? Ik wilde niet dat het dichterbij kwam. Zeker niet. Echt niet. Ik hield mijn adem in. Het werd stil. Blijf weg. Blijf weg. Het bleef gelukkig stil.

De volgende ochtend ben nog even bij de libelle gaan kijken, waar wonderbaarlijk genoeg weinig meer van over was. Ik heb mijn qigong oefeningen gedaan en wilde klaar zijn voordat ik opgehaald zou worden (rond 10 uur). Omdat het al vroeg licht was zat ik veel te vroeg klaar en uiteindelijk ben ik in slaap gevallen. Ik werd gewekt door de rest van de groep die me kwamen halen. Teruggekomen in het basiskamp hebben we de bijzondere verhalen gedeeld en ons heel hard afgevraagd wat voor geluid het nu was – meerdere van ons hadden het gehoord.

Twee dagen later zag ik in een nieuwsbericht dat er een wolf gevonden was in de Noordoost polder. Hemelsbreed een kilometer van de plek waar wij bivakkeerden…

En de ontmoeting met een totemdier op het vierde niveau? Dan eet het beest je op. Voor mij hoeft het nog even niet.

SaveSave

SaveSave

SaveSave